Anders maar niet altijd beter

De vijf Afghaanse studenten die dit semester geneeskunde studeren doen het goed. Ze zijn er ook om een indruk te krijgen van ons onderwijssysteem en het goede daarvan uit te dragen in Afghanistan. Het niveau van het onderwijs is vergelijkbaar, verder is alles anders.

Onbeleefd

Door de grote collegezaal in het Onderwijsgebouw van de Faculteit der Geneeskunde klinkt tijdens de patiëntdemonstratie een aanhoudend geroezemoes, en dat zal gedurende het college eerder toe- dan afnemen. ‘Onbeleefd’, vinden de studenten van de Kabul Medical University. In Afghanistan is zoiets ondenkbaar, de docent zou de studenten er flink voor op hun plaats zetten. En bovendien begrijpen ze het niet. Wat kom je in een college doen als je toch niet van plan bent om te luisteren? Begeleidster Manija Arian, studente geneeskunde van Afghaanse origine, zegt dat het niet altijd zo gaat. Sommige docenten pikken het niet dat het zo onrustig is en zetten desnoods iemand de zaal uit.

Vlnr: Zabi Rojeen, Fardeen Baray, Lema Helali, Ramin Azim en Nastaran Fakhri

Selectie

De coördinatie van de uitwisseling en de begeleiding van de studenten is in handen van de onafhankelijke stichting KEIHAN (Knowledge, Education, Integration; Helping Afghans in the Netherlands), die Afghanen in Nederland op allerlei gebieden bijstaat. KEIHAN doet verschillende projecten met het LUMC. De universiteit en KEIHAN werken samen met de eveneens onafhankelijke organisatie BARAN (Bu Ali Rehabilitation and AID Network), die in Afghanistan een betere gezondheidszorg, beter/meer onderwijs en sociale dienstverlening nastreeft. BARAN heeft toegezien op de selectie van het groepje van vijf, die volgens vooraf opgestelde criteria heeft plaatsgevonden. Kort samengevat: excellente studenten die het Engels goed machtig zijn. De studenten zelf zijn trots op de corruption proof selectie. ‘Het is echt op eigen kracht dat we hier zijn’, zegt Ramin Azim.

Onderwijssysteem bestuderen

De studenten volgen hier niet alleen college, ze maken door middel van een sociaal programma ook kennis met de Nederlandse cultuur en maken studie van het onderwijssysteem van de faculteit, om daaruit het beste mee te nemen. Wat zijn de meest in het oog springende verschillen met het Afghaanse geneeskunde-onderwijs?

De Kabul Medical University


Fardeen Baray: ‘De docenten hier zijn erg open en vriendelijk, in Afghanistan zijn ze vooral streng. Je moet tijdens de colleges je mond houden en luisteren. Hoewel dat wel begint te veranderen.’ Een ander groot verschil is dat de stof heel anders wordt benaderd. Begeleidster Anastasia Egorova: ‘Het onderwijs hier is conceptueel en sterk gericht op de benadering van ziektes en aandoeningen. In Afghanistan moet je de stof en de boeken tot in detail kennen.’

----------------------------------------------------------------------------------------

Samenwerking
De aanwezigheid van de vijf Afghaanse studenten, drie mannen en twee vrouwen, vloeit voort uit het het bezoek van president Karzai aan de Universiteit Leiden in juni 2008. De Nederlandse regering zegde toe met Karzai te zullen samenwerken in de opbouw van Afghanistan. Dit vertaalde zich mede in samenwerking op het gebied van hoger onderwijs. Rector magnificus Paul van der Heijden deed de toezegging te bekijken wat in de sfeer van uitwisseling mogelijk zou zijn. Daarmee is de Faculteit der Geneeskunde voortvarend aan de slag gegaan, uitmondend in de komst van de vijf studenten. Gezien de veiligheidssituatie in Afghanistan is de uitwisseling nog eenrichtingsverkeer. Gekeken wordt of de wederkerigheid vorm kan krijgen in korte bezoeken van Leidse hoogleraren-medici, bijvoorbeeld om workshops te geven.
De studenten hebben een beurs gekregen van de Universiteit Leiden.

----------------------------------------------------------------------------------------

Gemengd gevoel

Wat heeft de voorkeur? ‘Een combinatie’, zegt Fardeen Baray stellig. Ramin Azim vertelt dat in Afghanistan heel veel verschillende vakken naast elkaar worden gedoceerd, wel vijf of zes. Het is dan lastig je steeds opnieuw te concentreren. Wat dat betreft heeft de Nederlandse methode, het blokonderwijs, de voorkeur. Alleen hoort daar weer bij dat de tentamens elkaar in razend snel tempo opvolgen. Te snel soms.

Het buitenterrein van Kabul University


Met woorden beschreven

Een vak dat de studenten in Afghanistan niet kunnen volgen maar in Leiden wel, en dat ook hebben gedaan, is in vivo anatomie. Volgens de Afghaanse wetgeving was het tot voor kort verboden om voor wetenschap en onderwijs post mortem ontleding van een menselijk lichaam uit te voeren. De studieboeken bieden ook nauwelijks beeldmateriaal, alle organen zijn met woorden beschreven. Zabi Roheen: ‘Dat maakt het heel moeilijk je er een voorstelling van te maken.’ Daarom gaan Afghaanse studenten al vrij snel halve dagen de kliniek in. Het snijzaalonderwijs op de afdeling Anatomie en Embryologie van het LUMC vonden de studenten zeer leerzaam en nuttig. Ze hopen dat dergelijk onderwijs op korte termijn in Afghanistan kan worden geïntroduceerd. Op de ervaring in de autopsiezaal bij Pathologie kijken ze met een gemengd gevoel terug, temeer daar het ging om een vrouw die nog maar net overleden was. Maar ze waren niet de enigen; een reguliere student viel flauw.

Internationaal klimaat

Voor de Faculteit der Geneeskunde zijn de vijf Afghaanse studenten niks bijzonders. In de grote collegezaal, waar ook het college na de patiëntdemonstratie plaats vindt, zitten studenten uit alle windstreken. De faculteit maakt werk van de internationalisering van het onderwijs. In dertien punten is opgeschreven welke wegen worden bewandeld. Opmerkelijk is punt 11: al het onderwijs in het Engels, ook in de bachelorfase. Nu is dat zo’n gek streven niet, want bij een patiëntdemonstratie met een Nederlandssprekende patiënt ontgaat de buitenlandse studenten van alles. Gelukkig ging alle uitleg en toelichting wel in het Engels. Het volgende college, Epidemiologie, gaat helemaal en vlot in het Engels en de studenten lijken er geen moeite mee te hebben. ‘Dit zijn niet zulke moeilijke colleges’, zegt de Nederlands sprekende begeleidster Manija Arian later, ‘maar er zijn er die wel heel moeilijk zijn, en dan is Engels als voertaal voor anderstaligen best lastig.’

Politiek

Over de politieke aspecten van Afghanistan zijn grote bomen op te zetten maar dit onderwerp laten we buiten beschouwing, op één vraag na. Stel dat de Taliban de strijd gaan winnen, kunnen de meisjes dan nog als arts aan de slag. Nastaran Fakhri lacht. ‘Veel van de doktoren zijn vrouwen in Afghanistan. De vraag is meer of we onze opleiding dan af kunnen maken.’
Het is niet verwonderlijk dat met name de meisjes, naast Nastaran Fakhri ook Lema Helali, het onbegrijpelijk vinden dat er een groep Nederlandse studenten is die niet alles uit de studie haalt. Die de fantastische kans om geneeskunde te mogen studeren niet ten volle uitbuit, en niet luistert tijdens een college. ‘It’s their morals’, zegt Nastaran Fakhri. Helali valt haar bij. Zelf werken ze hard en halen ze goede cijfers in Leiden, dat is hun plicht. Het is wat ze terug kunnen doen voor de kans die ze gekregen hebben.

‘Het is echt op eigen kracht dat we hier zijn.’


Na de opleiding

Tot slot: wat zijn hun plannen na de opleiding? Nastaran Fakhri wil zich graag specialiseren in de gynaecologie en ze hoopt dat ze daarvoor terug kan komen naar Nederland. Een van de mannen wil ook gynaecoloog worden. Twee anderen, onder wie Zabi Roheen, die sneller Engels spreekt dan de wind, willen naar verre uithoeken van Afghanistan, waar geen of nauwelijks medische voorzieningen zijn. De studenten zijn optimistisch over Afghanistan. Fardeen Baray: ‘Er gaat veel niet goed maar er zijn ook positieve ontwikkelingen. De jongeren willen verbetering en vooruitgang. We hebben hoop.’

Links



(24 november 2009/CH)

Laatst Gewijzigd: 25-11-2009