Over de alledaagse lelijkheid bij Caravaggio

De Italiaanse schilder Michelangelo Merisi da Caravaggio (1571-1610) beeldt op zijn schilderijen vaak attributen en gebruiksvoorwerpen af, die sporen van verval of intensief gebruik vertonen. Appels en peren zijn half rot of zijn aangevreten door insecten. Plantenbladeren zijn dor, verlept of verkleurd. Bladmuziek golft, krult of heeft ezelsoren. De vingers van een handschoen zijn losgetornd en hebben gaten. Een viool heeft een lange, losse kronkelende snaar en een kammetje mist een paar tanden.

Uitgeverij: Scriptio
ISBN: 90-8773-014-7
Pocket, € 22,50


Vragen

Van Maanen gaat in op een aantal vragen. Is deze wijze van uitbeelden uitsluitend bedoeld als een weergave van de werkelijkheid van alledag, of ligt er wellicht een andere, verborgen symbolische betekenis aan ten grondslag? Is er sprake van een reeds bestaande traditie of past Caravaggio dit als eerste toe? Heeft zijn gebruik van rotte, versleten en kapotte voorwerpen navolgers gekend?

Uitgebreid onderzoek

Zes schilderijen, die halfvergane attributen en sleetse voorwerpen het duidelijkst weergeven, onderwierp Van Maanen aan een uitgebreid literatuuronderzoek en aan een gedetailleerde visuele analyse. Hij komt tot de conclusie dat Caravaggio steeds nieuwe wegen zoekt om voorstellingen uit te beelden. Zo beeldt hij Maria Magdalena niet steeds met haar traditionele attributen af, maar probeert hij haar identiteit op een andere manier duidelijk te maken. Op één schilderij verwijzen een kom met poederdons en het hierboven genoemde kammetje naar haar voormalige losbandige leven. Dat het kammetje toen intensief gebruikt moet zijn, bewijzen de verbogen en afgebroken tanden.

Geweldig observator

Caravaggio moet een geweldig observator geweest zijn, stelt Van Maanen. Hij schildert met uiterste precisie en plezier vruchten die door rotting worden aangetast en bladeren die aan het vergelen en verdorren zijn. Hij ziet de slordige snaareinden aan de stemschroeven van de strijkinstrumenten en hoe muziekboeken op de lange duur verfomfaaien. Minutieus kopieert hij de gebruikte bladmuziek, zodat de muziek in onze tijd herkend kon worden.

Symbolische betekenis

Door zijn observaties worden Caravaggio’s schilderijen levensechter, tastbaarder en overtuigender. Volgens Van Maanen is het niet zo dat aan het feit dat attributen en gebruiksvoorwerpen sporen van verval vertonen, symbolische betekenis moet worden toegeschreven. Hun betekenis is helder, ze staan voor wat ze zijn. Zijn navolgers waren minder sterk in het observeren van het dagelijks leven. Daardoor missen hun schilderijen vaak de extra dimensie van tastbaarheid, waarin Caravaggio zo’n meester was.

De auteur

Henque van Maanen (1944) is Art Director en grafisch vormgever. Hij studeerde op latere leeftijd kunstgeschiedenis aan de Universiteit Leiden en is afgestudeerd in Oude Italiaanse schilderkunst. Dit boek was zijn doctoraalscriptie.

Henque G.A. van Maanen
De ‘alledaagse lelijkheid’ van Caravaggio
 
(17 februari 2009/SH)

Laatst Gewijzigd: 18-02-2009